Skip to content

Oefening 22

A) Vorm en vertaal het absoluutief van de volgende werkwoorden:

  1. आप्आप्त्वा (nadat hij het heeft verkregen)
  2. प्राप्प्राप्य (nadat hij het heeft bereikt)
  3. समास्समास्य (nadat hij is gaan zitten)
  4. आस्आसित्वा (nadat hij heeft gezeten)
  5. समिसमित्य (nadat hij bij elkaar is gekomen)
  6. संस्कृसंस्कृत्य (nadat hij heeft bereid/gewijd)
  7. कृकृत्वा (nadat hij het heeft gedaan)
  8. गम्गत्वा (nadat hij is vertrokken)
  9. उपगम्उपगत्य / उपगम्य (nadat hij was aangekomen)
  10. जिजित्वा (nadat hij heeft gewonnen)
  11. विजिविजित्य (nadat hij heeft verslagen)
  12. तन्तत्वा (nadat hij heeft gespannen)
  13. दह्दग्ध्वा (nadat hij is verbrand)
  14. उपदिश्उपदिश्य (nadat hij opdracht heeft gegeven)
  15. नीनीत्वा (nadat hij heeft geleid)
  16. पच्पक्त्वा (nadat hij heeft gekookt)
  17. उपपद्उपपद्य (nadat hij naar voren is gekomen)
  18. पा १पीत्वा (nadat hij heeft gedronken)
  19. प्रच्छ्पृष्ट्वा (nadat hij het heeft gevraagd)
  20. बुध्बुद्ध्वा (nadat hij het heeft ingezien)
  21. सम्बुध्सम्बुध्य (nadat hij tot inzicht is gekomen)
  22. भज्भक्त्वा (nadat hij heeft toegewezen)
  23. भूभूत्वा (nadat hij is geworden)
  24. प्रभूप्रभूय (nadat hij is ontstaan)
  25. मन्मत्वा (nadat hij bedoeld heeft)
  26. मुच्मुक्त्वा (nadat hij bevrijd heeft)
  27. विमुच्विमुच्य (nadat hij had losgelaten)
  28. मृमृत्वा (nadat hij was gestorven)
  29. यज्ईष्ट्वा (nadat hij een offer heeft gebracht)
  30. लभ्लब्ध्वा (nadat hij het heeft ontvangen)
  31. उपलभ्उपलभ्य (nadat hij het heeft waargenomen)
  32. वच्उक्त्वा (nadat hij heeft gesproken)
  33. प्रवच्प्रोच्य (nadat hij het heeft verkondigd)
  34. वद्उदित्वा (nadat hij heeft gesproken)
  35. प्रवद्प्रोद्य (nadat hij het had verkondigd)
  36. हन्हत्वा (nadat hij had gedood)

B) Vertaal en ontbind de samenstellingen in het Sanskriet:

. अन्नं पक्त्वा ब्राह्मणदास्यत्ति ॥१॥
(ब्राह्मणस्य दासी)
De dienstmaagd van de brahmaan kookte voedsel en eet nu.

. इष्टदेवतापूजां कृत्वेन्द्रादिदेवान्सद्ब्राह्मणाः स्तुवन्ति ॥२॥
(इष्टाया देवताया पूजां । इन्द्र आदिर्येषां तान्देवान् । सन्तो ब्राह्मणाः)
De goede brahmanen vereerden hun persoonlijke godheid en prijzen nu Indra en de overige goden.

. प्रस्थाय रामः सपुत्रः सद्गुरुश्रवणार्थेन ब्राह्मणग्रामं गच्छति ॥३॥
(पुत्रेण सह । सतो गुरोः श्रवणार्थेन । ब्राह्मणानां ग्रामम्)
Rāma is met zijn zoon vertrokken en gaat naar het brahmaandorp om de goede meester te horen.

. अनिष्ट्वा नरो भगवद्भक्तिमात्रेणापि मोक्षमाप्नोति ॥४॥
Zelfs als hij nooit geofferd heeft, verkrijgt een mens alleen door toewijding aan de Eerbiedwaardige (Kṛṣṇa) verlossing.

. गृहगर्भं प्रविश्य ब्राह्मणपुत्रमुपस्थाय क्षत्रियशूरो वक्ति ॥५॥
(गृहस्य गर्भम् । ब्राह्मणस्य पुत्रम् । क्षत्रिय एव शूरः)
De Kṣatriyaheld betreedt het binnenste van het huis, stelt zich in eerbiedige houding voor de zoon van de brahmaan en spreekt.

. सम्बुध्य दुःखाद्यार्यसत्यानि प्रोच्य सुगतो मोक्षमार्गेण नरान्नयति ॥६॥
(दुःखमादिर्येषां तान्यार्याणि सत्यानि । सुष्टु गतः । मोक्षस्य मार्गेण)
Boeddha (Sugata) is tot inzicht ontwaakt, heeft de waarheid over het lijden en de andere edele waarheden verkondigd en leidt nu de mensen op het pad naar verlossing.
. मन्त्रं विस्मृत्य यजन्यज्ञदोषं करोति ॥७॥
(यज्ञस्य दोषम्)
Omdat hij de spreuk is vergeten, begaat de offeraar een offerfout.

. धनं प्राप्य बुद्धमार्गभिक्षवो दुष्यन्ति ॥८॥
(बुद्धस्य मार्गो मार्गो येषां ते भिक्षवः)
Als ze geld krijgen, gaan monniken die het pad van de Boeddha volgen ten onder.

. अनार्यशत्रुभिः संगत्य नरसिंहा विजयन्ते ॥९॥
(अनार्यैः शत्रुभिः । नराः सिंहा इव)
De leeuwachtige mannen zijn de strijd aangegaan met de vijanden die geen Ārya’s zijn, en ze behalen een volledige overwinning.

१०. पुण्यं कृत्वा सत्यमेवोदित्वा नरो नरकं नोपपद्यते ॥१०॥
Als iemand verdienstelijke daden heeft verricht en alleen de waarheid heeft gesproken, komt hij niet in de hel terecht.


Afb.: धनं प्राप्य बुद्धमार्गभिक्षवो दुष्यन्ति
(Bron: Details)


Passieve zinnen

C) Maak van bovenstaande zinnen (behalve zinnen 8 en 10) passieve zinnen:

. अन्नं पक्त्वा ब्राह्मणदास्याद्यते ॥ २. इष्टदेवतापूजां कृत्वेन्द्रादिदेवाः सद्ब्राह्मणैः स्तूयन्ते ॥ ३. प्रस्थाय रामेण सपुत्रेण सद्गुरुश्रवणार्थेन ब्राह्मणग्रामं गम्यते ॥ ४. अनिष्ट्वा नरेण भगवद्भक्तिमात्रेणापि मोक्ष आप्यते ॥ ५. गृहगर्भं प्रविश्य ब्राह्मणपुत्रमुपस्थाय क्षत्रियशूरेणोच्यते ॥ ६. सम्बुध्य दुःखाद्यार्यसत्यानि प्रोच्य सुगतेन मोक्षमार्गेण नरा नीयन्ते ॥ ७. मन्त्रं विस्मृत्य यजता यज्ञदोषः क्रियते ॥

. अनार्यशत्रुभिः संगत्य नरसिंहैर्विजीयते ॥

Een deel van de Bibliotheek van Tüpfli's Global Village