Skip to content

Oefening 58

A) iṣ-Aorist-transformaties

Bepaal en vertaal de volgende vormen en vorm de overeenkomstige vormen van de iṣ-Aorist:

  1. औहे - ऊह् 1Ā 1.sg.Impf.Ā ik duwde - औहिषि

  2. जाग्रति - जागृ 2P 3.pl.Ind.Präs.P zij zijn wakker - अजागरिषुः

  3. जीर्यन्ति - जॄ 4P 3.pl.Ind.Präs.P zij verouderen - अजारिषुः

  4. आनर्च - अर्च् 1P aanbidden 1.3.sg.2.pl.Perf.P - आर्चिषम् । आर्चीत् । आर्चिष्ट

  5. खादामः - खाद् 1P 1.pl.Ind.Präs.P wij kauwen - अखादिष्म

  6. नेद - नद् 1P 2.pl.Perf.P jullie klonken - अनादिष्ट । अनदिष्ट

  7. आश्नीत -अश् 9P 2.pl.Impf.P jullie aten - आशिष्ट

  8. पुनते - पू 9U 3.pl.Ind.Präs.Ā zij zuiveren in eigen belang - अपविषत

  9. अशेरत - शी 2Ā 3.pl.Impf.ġ zij lagen - अशयिषत

  10. इयेषिथ - इष् 6P 2.sg.Perf.P jij hebt gewenst - ऐषीः

  11. आर्च्छत् - 1P 3.sg.Impf.P hij ging - आरीत्

  12. अर्हन्ति - अर्ह् 1P 3.pl.Ind.Präs.P zij zijn waardig - आर्हिषुः

  13. ऊदुः - वद् 1P 3.pl.Perf.P zij spraken - अवादिषुः

  14. इन्त्से - इन्ध् 7Ā 2.sg.Ind.Präs,Ā jij steekt aan - ऐन्धिष्ठाः

  15. आध्वे - आस् 2Ā 2.pl.Ind.Präs.ġ jullie zitten - आसिध्वम्

  16. कल्पे - कॢप् 1.sg.Ind.Präs.Ā ik pas op - अकल्पिषि

  17. आनीत् - अन् 2P 3.sg.Impf.P hij ademde - आनीत्

  18. ऐक्षध्वम् - ईक्ष् 1Ā 2.pl.Impf.ġ jullie zagen - ऐक्षिध्वम्

  19. अचेतः - चित् 1P 2.sg.Impf.P jij nam waar - अचेतीः


Afb.: तब्लाः
(Bron: Details)


B) Woordbepalingen

Bepaal en vertaal de volgende vormen:


Afb.: मातुलङ्गविक्रेतायं ना ॥
Pune - पुणे
[Afbeeldingsbron: Anushruti RK. -- http://www.flickr.com/photos/anushruti/1724235028/. -- Geraadpleegd op 2009-03-12. -- Creative Commons-licentie (naamsvermelding, geen commercieel gebruik, geen bewerking)]

  1. अनेढ्वम् - नी 1U 2.pl.Aor(4).Ā jullie leidden in eigen belang
  2. एनयोः - एतद् । इदम् Gen.Lok.du.m.f.n. van deze twee / in deze twee
  3. अष्टौ - अष्ट Nom.Vok.Akk. acht
  4. चक्रम - क्रम् 2.pl.Perf.P jullie zijn geschreden
  5. ना - नृ m. Nom.sg. de man
  6. अत्तः - अद् 2P 3.du.Ind.Präs.P jullie beiden eten
  7. अधृत - धृ 1U 3.sg.Aor(4).Ā hij hield in eigen belang vast ; + PPP van धृ 1U Vok.sg.m. Onvaste!
  8. ईहेरन् - ईह् 1Ā 3.pl.Opt.Ā mogen zij begeren
  9. अधिजगे - अधि- 2Ā 1.3.sg.Perf.Ā ik / hij bestudeerde
  10. जग्म - गम् 1P 2.pl.Perf.P jullie zijn gegaan
  11. अघ्रात् - घ्रा 1P 3.sg.Aor(1).P hij rook
  12. अद्राक्ष्म - दृश् 1.pl.Aor(4).P wij zagen
  13. अस्थाः - अस् 4P 2.sg.Injunktiv.Aor(2).P werp [+ मा niet]
  14. अधमः - ध्मा 1P 2.sg.Impf.P jij hebt geblazen ; अधम 3 Nom.sg.m. de onderste
  15. आनर्ध - ऋध् 5P 1.3.sg.Perf.P ik / hij gedijde
  16. पथोः - पथ् m. Gen.Lok.du van de twee wegen / op beide wegen
  17. जेता - जेतृ m. Nom.sg. de overwinnaar
  18. श्वा - श्वन् m. Nom.sg. de hond
  19. स्वः - अस् 2P 1.du.Ind.Präs.P wij beiden zijn ; स्व 3 Nom.sg.m. de eigen
  20. यदृच्छया - Adv. toevallig, vanzelf ...
  21. अकार्षम् - कृ 8U 1.sg.Aor(4).P ik maakte
  22. क्रीणीथः - क्री 9U 2.du.Ind.Präs.P jullie beiden kopen
  23. क्रीणीथ - क्री 9U 2.pl.Ind.Präs.P jullie kopen
  24. जानानि - ज्ञा 9U 1.sg.Imperativ.P ik wil leren kennen
  25. भोः - Indekl. hé!, hé daar!
  26. अजैष्त - जि 1P 2.pl.Aor(4).p jullie zegevierden
  27. पुरा - Adv. vroeger, eens
  28. देवा - देवृ m. Nom.sg. broer van de echtgenoot, zwager (van de vrouw)
  29. गन्धी - गन्धिन् 3 Nom.sg.m de door geur bijzonder gekenmerkte
  30. ईय - 2P 2.pl.Perf.P jullie zijn gegaan
  31. नाना - Adv. op verschillende wijze
  32. देह - दह् 1P 2.pl.Perf.P jullie hebben verbrand ; देह m. Vok.sg. lijf!
  33. अतत - तन् 8U 3.sg.Aor(4/1).Ā hij spande in eigen belang op ; + PPP van तन् 8U Vok.sg.m. Onopgespanne!
  34. आप्स्यावः - आप् 5P 1.du.Fut.P wij beiden zullen verkrijgen
  35. अतौत्त - तुद् 6U 2.pl.Aor(4).P jullie hebben geslagen
  36. इमे - इदम् 3 Nom.pl.m.Nom.Akk.du.f.n. deze / deze twee
  37. इतः - 2P 3.du.Ind.Präs.P jullie beiden gaan ; इतस् Adv. van hier
  38. दद - दा 3U 2.pl.Perf.P jullie gaven
  39. अञ्ज्वः - अञ्ज् 7P 1.du.Ind.Präs.P wij beiden zalven


Afbeelding: श्वा श्वानमघ्रात्
(Bron afbeelding: Details)

Een deel van de Bibliotheek van Tüpfli's Global Village