Skip to content

Les 40

40.1. सुभाषितानि

विद्या ददाति विनयं विनयाद्याति पात्रताम् । पात्रत्वाद्धनमाप्नोति धनाद्धर्मं ततः सुखम् ॥१॥ सुखार्थी चेत्त्यजेद्विद्यां विद्यार्थी चेत्त्यजेत्सुखम् । सुखार्थिनः कुतो विद्या कुतो विद्यार्थिनः सुखम् ॥२॥ आचार्यात्पादमादत्ते पादं शिष्यः स्वमेधया । पादं सब्रह्मचारिभ्यः पादं कालक्रमेण च ॥३॥

lekt4005.jpg
Afb.: पादं सब्रह्मचारिभ्यः
(Afbeeldingsbron: Details)

40.2. Vorming van de werkwoordvormen van de eerste persoon perfectum (लिट्)

Uitgangen van de eerste persoon (तृतीयः) in het perfectum (लिट्)

परस्मैपदम्आत्मनेपदम्
एकवचनम्बहुवचनम्एकवचनम्बहुवचनम्
-a-ma-e-mahe

Merk op dat de uitgangen van de 1. persoon enkelvoud P,Ā identiek zijn aan die van de 3. persoon enkelvoud. Daarom zijn in alle perfectumtypen behalve type III(a,b) en type V(a,b,c) de vormen van de 1. enkelvoud P respectievelijk Ā altijd identiek aan die van de 3. enkelvoud P respectievelijk Ā.

Bij type IV eindigt de 1. enk. P. net als de 3. enk. P. op -au.

Bij de perfectumtypen III en V is de 1. enkelvoud Ā altijd identiek aan de 3. enkelvoud Ā.

Bij de perfectumtypen III en V zijn de 1. enkelvoud P en de 3. enkelvoud P naar keuze identiek: de 3. enk. P. moet bij deze vormingstypen altijd de verlengde trap hebben, de 1. enk. P. kan naar keuze de hoge trap of de verlengde trap hebben.

Voor medeklinkerstartende uitgangen treedt bij het merendeel van de wortels de verbale klinker -i- op.

Behalve voor de uitgang -re, waar altijd -i- moet verschijnen (de verbale klinker voor medeklinkerstartende uitgangen komt namelijk nooit voor bij acht wortels op -ṛ resp. -u), nl.

  1. कृ 8U (behalve संस्कृ)
  2. भृ 1U
  3. वृ 9U "kiezen"
  4. सृ 1P
  5. द्रु 1p "rennen"
  6. श्रु 5P
  7. स्तु 2U
  8. स्रु 1P "stromen"

Bij zogenaamde facultatieve अनिट्-wortels kan de verbale klinker optioneel worden ingevoegd of juist niet. (Opsomming van deze wortels bij Kielhorn, Grammatik blz. 92 § 298b,2,3)

40.2.1. Perfectum Type I: geen stamafstoting

1.sg. = 3.sg.

Werkwoorden die dit type volgen:

  • Medeklinker-lange klinker-medeklinker
  • Medeklinker-klinker-medeklinker-medeklinker
  • a-Medeklinker(-Medeklinker)
  • ā-Konsonant

बन्ध् 9P

  • 1.sg.P बबन्ध
  • 1.pl.P बबन्धिम

जीव् 1P

  • 1.sg.P जिजीव
  • 1.pl.P जिजिविम

अश्

  • 1.sg.Ā आनशे
  • 1.pl.Ā आनशिमहे

अस् 2P en अस् 4P

  • 1.sg.P आस
  • 1.pl.P आसिम (a + as-i-ma)

40.2.2. Perfectum Type II: sterke stam hoge graad, zwakke stam lage graad

Werkwoorden die dit type volgen:

  • (Medeklinker-)i/u/ṛ/ḷ-Medeklinker

भिद् 7U

  • 1.sg.P बिभेद

  • 1.pl.P बिभिदिम

  • 1.sg.Ā बिभिदे

  • 1.pl.Ā बिभिदिमहे

मुह् 4P facultatief अनिट्

  • 1.sg.P मुमोह

  • 1.pl.P मुमुहिम । मुमुह्म

40.2.3. Perfectum Type III: Sterke stam hoge graad/verlengde graad

1.sg.P optioneel hoogtraps of verlengdtraps

40.2.3.1. Perfectum Type IIIa: Sterke stam hoogtrap/verlengdtrap, zwakke stam dieptrap

Werkwoorden die dit type volgen:

  • (Medewerker-)(Medewerker-)i/ī/u/ū
  • (Medewerker-)-ṛ

2P

  • 1.sg.P इयाय । इयय (i+e+a)

  • 1.pl.P ईयिम (i+iy+i+ma)

नी 1U

  • 1.sg.P निनाय । निनय

  • 1.pl.P निन्यिम (ni-nī + i + ma !!!)

  • 1.sg.Ā निन्ये

  • 1.pl.Ā निन्यिमहे

स्तु 2U strikt अनिट्

  • 1.sg.P तुष्टाव । तुष्टव (tu-sto + a)

  • 1.pl.P तुष्टुम

  • 1.sg.Ā तुष्टुवे

  • 1.pl.Ā तुष्टुमहे

कृ 8U strikt अनिट्

  • 1.sg.P चकार । चकर

  • 1.pl.P चकृम

  • 1.sg.Ā चक्रे

  • 1.pl.Ā चकृमहे

40.2.3.2. Perfectum Type IIIb: Sterke stam hoogtrap/verlengdtrap, zwakke stam hoogtrap

Werkwoorden die dit type volgen:

  • (Medewerker-)(Medewerker-)-ṝ
  • Konsonant-Konsonant-ṛ

पॄ 3P

  • 1.sg.P पपार । पपर

  • 1.pl.P पपरिम

स्मृ 1P

  • 1.sg.P सस्मार । सस्मर

  • 1.pl.P सस्मरिम

संस्कृ 8U

  • 1.sg.P सञ्चस्कार । सञ्चस्कर

  • 1.pl.P सञ्चस्करिम

  • 1.sg.Ā सञ्चस्करे

  • 1.pl.Ā सञ्चस्करिमहे

40.2.4. Perfectum Type IV: Wortels op -ā / -ai

  • Sterke stam:
  • 1.,3. sg. Parasamaip.: -au
  • Zwakke stam:
  • voor medeklinker: dieptrap-i
  • voor klinker: dieptrap-ø

दा 3U

  • 1.sg.P ददौ

  • 1e pers. meervoud ददिम (da-d-i-ma)

  • 1e pers. enkelvoud ददे

  • 1e meervoud Ā ददिमहे

40.2.5. Perfectum type V: medeklinker-a-medeklinker

1e pers. enkelvoud voltooid, naar keuze hoogtoon of langtoon

40.2.5.1. Voltooid type Va: medeklinker-a-medeklinker, zwakke stam, lage toon

Werkwoorden die aan dit type voldoen:

  1. gam „gaan“
  2. han (»ghan) „doden“
  3. jan „geboren worden“
  4. vac „spreken“
  5. vad „spreken“
  6. yaj „offeren“
  7. e.a.

गम् 1P

  • 1e pers. enkelvoud जगाम । जगम

  • 1e pers. meervoud जग्मिम (ja-gm-i-ma)

हन् 2P

  • 1e pers. enkelvoud जघान । जघन

  • 1e meervoud, passief जघ्निम

जन्

  • 1e pers. enkelvoud Ā जज्ञे

  • 1e pers. meervoud Ā जज्ञिमहे

वच् 2P

  • 1e pers. enkelvoud उवाच । उवच

  • 1e pers. meervoud ऊचिम (u + uc-ima)

वद् 1P (Ā)

  • 1e pers. enkelvoud उवाद । उवद

  • 1e mv.P ऊदिम

  • 1e enkelvoud Ā ऊदे

  • 1e persoon meervoud Ā ऊदिमहे

यज् 1U

  • 1e pers. enkelvoud इयाज । इयज

  • 1e pers. meervoud ईजिम

  • 1e pers. enkelvoud Ā ईजे

  • 1e pers. meervoud Ā ईजिमहे

40.2.5.2. Perfectum type Vb: medeklinker-a-medeklinker, beginmedeklinker geen keelklank, aspiratie, h, zwakke stam zonder reduplicatie, met -e-

पच् 1U

  • 1e pers. enkelvoud पपाच । पपच

  • 1e pers. meervoud पेचिम

  • 1e pers. enkelvoud Ā पेचे

  • 1e pers. meervoud Ā पेचिमहे

40.2.5.3. Perfectum type Vc: medeklinker-a-medeklinker, zwakke stam, hoog niveau

Werkwoorden die aan dit type voldoen:

  • Alle overige stamwoorden met een middellange -a-

क्रम् 1U

  • 1e pers. enkelvoud tegenwoordige tijd चक्राम । चक्रम

  • 1.fl.P चक्रमिम

  • 1.ev.Ā चक्रमे

  • 1.fl.Ā चक्रमिमहे

40.2.6. Bijzondere Perfectum-vormingen

विद् 2P presentisch Perfectum:

  • 1.ev.P वेद (= 3.ev.P)

  • 1.fl.P विद्म

अह् 1. persoon niet gebruikelijk!

भू 1P

  • 1.ev.P बभूव (= 3.ev.P)

  • 1.fl.P बभूविम

जि 1P

  • 1.ev.P जिगाय (= 3.ev.P) । जिगय

  • 1.fl.P जिग्यिम (ji-gi + i + ma !)

40.3. Vorming van de werkwoordsvormen van de eerste persoon van het perifrastische Perfectum (अनुप्रयोगलिट्)

Het perifrastische Perfectum wordt gevormd van:

  • afgeleide werkwoordstammen (Kausatief, Desiderativum, Frequentativum, Denominativa), met name Kausatief
  • wortels die beginnen met lange klinker (behalve ā)
  • wortels: klinker (behalve a-)-medeklinker-medeklinker
  • enkele andere
  • bij sommige wortels kunnen beide Perfecta optioneel gevormd worden: uṣ "branden", vid "weten", jāgṛ "waakzaam zijn", daridrā "arm zijn"
  • bij de volgende wortels kunnen beide Perfecta optioneel gevormd worden en ook het perifrastische Perfectum is redupliceerd, namelijk met de reduplicatiesilabe van de Presentstam:
  • bhī "zich vrezen"
  • bhṛ "dragen"
  • hu "offeren"
  • hrī "zich schamen"

ईक्ष्

  • 1.ev.Ā ईक्षां चक्रे । ईक्षामास । ईक्षां बभूव

  • 1.fl.Ā ईक्षां चकृमहे । ईक्षामासिम । ईक्षां बभूविम

बन्ध् Kausativum P: बन्धयति

  • 1.ev.P बन्धयां चकर । बन्धयां चकार (= 3.ev.P) । बन्धयामास (= 3.ev.P) । बन्धयां बभूव (= 3.ev.P)

  • 1.pl.P बन्धयां चकृम । बन्धयामासिम । बन्धयां बभूविम

40.4. Syntactisch over de eerste persoon (तृतीयः)

Aangezien een finiet werkwoord (vervoegd werkwoord) de agens (कर्तृ) meedrukt, hoeven het "ik", "wij" in niet-passieve verbale zinnen met een finiet werkwoord niet extra door een persoonlijk voornaamwoord uitgedrukt te worden

40.5. Persoonlijk voornaamwoord (पुरुषार्थकसर्वनाम) van de 1e persoon enkelvoud en meervoud

De vorm van het persoonlijk voornaamwoord (persoonlijk naamwoord) is voor alle geslachten dezelfde.

एकवचनम्
"ik"
बहुवचनम्
"wij"
प्रथमाअहम्वयम्
द्वितीयामाम् / माअस्मान् / नस्
तृतीयामयाअस्माभिस्
चतुर्थीमह्यम् / मेअस्मभ्यम् / नस्
पञ्चमीमत्अस्मत्
षष्ठीमम / मेअस्माकम् / नस्
सप्तमीमयिअस्मासु

De kortere vormen, die hierboven op de tweede plaats staan (मा, मे, नस्) mogen nooit aan het begin van een zin of vers gebruikt worden.

Vóór de partikels , वा, एव mogen deze zgn. enclitische vormen ook niet gebruikt worden:

alleen: ... मां च ... "en mij"

De genitief (षष्ठी) van de persoonlijke voornaamwoorden wordt als bezittelijk voornaamwoord gebruikt:

मम । मे = "mijn"

अस्माकम् । नस् = "ons"

Als voorglid van samenstellingen staan voor deze voornaamwoorden de stammen:

  • sg. मद्
  • pl. अस्मद्

bijv. मत्पुस्तकम् "mijn boek" ; अस्मद्पुस्तकानि "onze boeken"

40.6. Woordenlijst

पात्र n.: Eerbiedwaardige, Meester, Verhevene

मेधा f.: Wijsheid, Verstand, Gedachte

पुस्तक m.n.: Manuscript, Boek

कॢप्कल्पते : in goede orde zijn, passen bij (Loc.) ; zich vormen, ontstaan ; besluiten tot, zich neerleggen bij (Datief)

Perf. II चकॢपे facultatief अनिट्
Fut. कल्पिष्यते । कल्प्स्यते
Kaus. कल्पयति : in orde brengen, creëren, in de verbeelding vormen, zich inbeelden
PPP कॢप्त
Inf. कल्पितुम् । कल्प्तुम्

daarvan:

कल्पना f.: Het vormen in gedachten, het aannemen van iets dat niet bestaat in de werkelijkheid, fictie

कॢप् + वि Kaus. विकल्पयति : (zich verschillend voorstellen =) ter discussie stellen, betwijfelen

daarvan:

विक्ल्प m.: Alternatief, twijfel

तुद् 6U तुदति : slaan

Perf. II तुतोद, तुतुदुर्
Fut. तोत्स्यति
Pass. तुद्यते
Kaus. तोदयति
PPP तुन्न (tud + na)
Inf. तोत्तुम्

तॄ 1P तरति : oversteken, overschrijden, zich redden voor iemand (Akk. = iemands oversteken)

Perf. IIIb ततार, ततरुर् । तेरुर्
Fut. तरिष्यति । तरीष्यति
Pass. तीर्यते
Kaus. तारयति
PPP तीर्ण
Inf. तरितुम् । तरीतुम्

daarvan:

तीर्थ n.: Oversteekplaats, heilige badplaats, pelgrimsoord

lekt4003.jpg
Afb.: हरिद्वारे तीर्थम्
(Bron afbeelding: Details)

तीर्थङ्कर m. (uit: तीर्थम्+ कृ): Oversteekplaatsmaker (over het lijden heen) = de 24 leraren van de Jaina

lekt4002.jpg
Afb.: तीर्थङ्करः
(Afbeeldingsbron: Details)

अव Preverb.: neer, omlaag, weg, af-

तॄ + अव 1P अवतरति : afdalen

daarvan:

अवतार m.: (afdaler, afdaling) incarnatie van een god, m.n. Viṣṇu's 10 incarnaties (z. Basham, Wonder blz. 304 - 309)

lekt4001.jpg
Afb.: विष्णोर्दशावताराः
(Afbeeldingsbron: Details)

स्वप् 2P स्वपिति, स्वपन्ति : slapen, zich ter slaap leggen

Imperf. अस्वपीत् । अस्वपत्
Perf. सुष्वाप, सुषुपुर्
Fut. स्वप्स्यति
Pass. सुप्यते (uit *svp-ya-te)
Caus. स्वापयति
PPP सुप्त
Inf. स्वप्तुम्

daarvan:

स्वप्न m.: slaap, droom

सुप्ति f. (uit *svp-ti): slaap, m.n. diepe slaap

lekt4004.jpg
Afb.: स्वपन्ति
(Afbeeldingsbron: Details)

40.7. Oefening

A) Vertaal de सुभाषितानि aan het begin van de les.

B) Zet de volgende werkwoordsvormen om in de overeenkomstige perfectumvormen. Bij meerdere mogelijkheden, geef alstublieft alle mogelijkheden.

(Legenda: = अनिट्, = facultatief अनिट्)

  1. अश्नीमः
  2. स्मः
  3. स्रक्ष्यामि
  4. स्तुमहे अ
  5. वर्धामहे
  6. आवर्ते
  7. सेक्ष्यामि
  8. अलुभ्याम
  9. रुन्धे
  10. रोदिमि
  11. अयुध्यामहि
  12. युञ्ज्मः
  13. अजानीम
  14. ददामि
  15. अबिभयम्
  16. वच्मः
  17. कामये
  18. वसामः
  19. अभवाम
  20. अस्यामि
  21. अबिभ्रि अ
  22. कल्पामहे इ
  23. त्यज्यामि
  24. अतरम्
  25. चिन्मः
  26. पृच्छामः
  27. अनश्याम इ
  28. चरामः
  29. अवदाम
  30. शोचयामः
  31. दध्महे
  32. पिबामि
  33. धरामः
  34. म्रिये
  35. दूषयामः
  36. मन्ये
  37. स्वपिमः
  38. पामि
  39. शृणुमः अ
  40. अतुदम्
  41. अमिम
  42. तिष्ठामि
  43. अवहाम
  44. अकुर्महि अ
  45. जहीमः
  46. अस्पृशम्
  47. नेष्यामः
  48. तन्महे
  49. अक्रीणि
  50. पुने
  51. भुञ्ज्मः
  52. स्मरिष्यामः
  53. अभजाम (volgt type Vb)
  54. जेष्यामः
  55. आसे (perifrast.)
  56. विन्दामः
  57. धक्ष्यामः
  58. शक्नुमः
  59. भिनद्मि
  60. भोत्स्ये
  61. लभे
  62. नर्तिष्यामि
  63. अगमयम्
  64. द्विष्महे
  65. चोरये
  66. अजुहुम
  67. अहनम्
  68. पश्यामः
  69. ईक्षे

40.8. Herhalingsopdracht voor de vormleer

  1. ददे
  2. ददते
  3. पापे
  4. आसे
  5. एते
  6. इते
  7. इतः
  8. यतः
  9. यते
  10. ईयते
  11. यत्
  12. यदा
  13. अस्तुवि
  14. अस्तुवति
  15. अस्तवीत्
  16. ब्रह्मिणः
  17. ब्रह्मणः
  18. ब्राह्मणः
  19. लभे
  20. लाभे
  21. लेभे
  22. लोभे
  23. काश्चन
  24. तन्त्रे
  25. तत्र
  26. मनौ
  27. मेने
  28. सत्स्यामि
  29. वेत्स्यामः
  30. कच्चित्
  31. तत्त्यागः
  32. तत्याज
  33. विद्ये
  34. विद्याम्
  35. एनेन
  36. ऐक्षे
  37. आह
  38. आहन्

Een deel van de Bibliotheek van Tüpfli's Global Village